Dag 1 Ribs en Blues in Raalte + foto's van dag 1
De 12e editie van Ribs en Blues in Raalte zit er helaas weer op. Heel veel zon, het nodige bier, een supersfeertje en vooral een puik stuk muziek hebben er aan bijgedragen dat deze editie de boeken in gaat als onvergetelijk en wellicht de allermooiste editie ooit.
De organisatie had behoorlijk uitgepakt dit jaar. Zo was het terrein zo’n 50% groter gegroeid en was er veel meer ruimte voor de kleinere en grotere kids op het naastgelegen terrein gecreëerd.
Bovendien had de organisatie hoofdzakelijk gekozen voor bluesartiesten
die op dit moment ‘hot’ zijn in bluesland. Oke, voor de echte
bluespuristen onder ons wellicht een beetje cliché en weinig
verrassend, maar voor het overgrote gedeelte van het gemêleerde Ribs en
Blues publiek ongetwijfeld een waar feest om de ‘grote jongens’ in de
blues- en bluesrock scene in één weekend op hetzelfde podium te zien.
Zelfs voor mensen die doorgaans hun gezicht niet op een bluesfestijn
laten zien was er op Ribs en Blues een overdaad aan aktiviteiten en kon
een ieder zich te goed doen aan de bekende en overheerlijke spareribs,
vers fruit en aanverwanten, marktkramen, tatoeëerders, theaters en
eigenlijk veel teveel om op te noemen.
Zoals we van Ribs en Blues al sinds jaar en dag gewend zijn wordt een strak tijdschema gehanteerd en is het op zondagmiddag precies 01:15 dat Rob Heyne van de Julian Sas band mag aftikken en de eerste decibels de tent in mag gooien.
Op zich is het verrassend genoeg dat Julian, die vorig jaar Ribs en Blues mocht afsluiten met Gerry McCavoy en Brandon O’Neill, nu de opening voor zijn rekening mag nemen.
Normaal gesproken trekt de eerste band op het Raalter festival niet bijster veel bezoekers, maar met de Julian Sas band heeft de organisatie de gok genomen om het publiek wat eerder de tent in te krijgen. En deze missie slaagde met glans, want de tent stroomt bij de eerste tonen van Julian lekker vol.
Toch kan Julian niet echt imponeren. Ondanks dat de band enkele mooie en nieuwe melodieuze songs vertolkte, zit er veel te weinig vuur in het spel en duurt het toch zeker tot 20 minuten voor het einde van hun optreden, voordat de sas-machine pas echt op stoom raakt. Als je maar een uur speeltijd hebt, is 20 minuutjes knallen naar mijn idee toch wel een beetje aan de korte kant.
Jarenlang heb ik mezelf geschaard onder de fans van Julian Sas, maar sinds een jaar of twee heb ik het gevoel dat de band weinig progressie meer maakt en stiekem verlang ik enigszins terug naar de tijden met Pieter van Bogaert op de hammond, waarbij Julian veel meer de mogelijkheden kon benutten om verrassender uit de hoek te komen en om zelfs bij gelegenheden nog eens naar een bluesharp te grijpen. Nu heb ik het gevoel dat ik het allemaal net iets te vaak heb gezien en gehoord en dat is zonde voor één van de weinige export-bluesbands die Nederland op dit moment rijk is.
Als tweede deze middag staan de uit Los Angeles (California) afkomstige Johnny Mastro & Mama’s Boys op de planken. Een aantal maanden geleden heeft gitarist Dave Melton de band de rug toe gekeerd omdat Dave zich meer aan zijn gezin wilde wijden.
Dave was ondanks zijn keurig nette verschijning een beest op zijn Fender en dan is het natuurlijk even afwachten wat er in Raalte aan gitaarvlees in de kuip zit. Nou, vlees genoeg! En nog vet ook, en speuleh ….. oef!!
Johnny had overigens dubbel gitaargeweld in zijn band gestopt, want naast het nieuwe en gezette gitaarbeest ‘ Top Of The Mountain’ was ook een tweede lead- en ritmegitarist met de naam Gino ‘Bobo’ Mateo aan Mama’s Boys toegevoegd.
Ook in de setlist van Johnny Mastro zat een langzame opbouw van de iets rustiger bluessongs aan het begin tot hevig vuurwerk op het eind, maar dat het optreden niet inkakte, daar zorgden de beide nieuwbakken gitaristen wel voor. Het meeste werk dat voorbij komt zijn songs van het laatste album ‘Take Me To Your Maker’ en is toch een tikkeltje psychedelischer als de voorgangers van de Boys. Desondanks een prima optreden en een dito performance.
Men neme: een oud en enigszins aangepast Pearl drumstel, je knutselt van enkele auto onderdelen een bas en een leadgitaar in elkaar. Je grijpt je oude Hohnertjes weer uit de kast, je zet je kleine meiske van 9 achter de drumkit, je zoontjes verblijdt je met de tot gitaar omgebouwde auto onderdelen. Je laat ‘moeders de vrouw’ de papierwinkel verzorgen, Tenslotte lap je de regels over kinderarbeid nog even aan je laars en zo krijg je The Homemade Jamz Blues band.
Overigens wel een genot om naar te kijken. Het kleine meisje Taya Press kwam nauwelijks met haar kleine neusje boven de bassdrum uit, maar ze sloeg werkelijk waar enkele geen slag mis. Nou ja, een paar kleine schoonheidsmissertjes daar gelaten. Ook de gitaarkunsten van de 13 en 15 jarige broers klonken als een klok en de jochies hebben volgens mij al eerder de baard in de keel dan hun vader aan de kin.
Goed, écht superspannend is het nog niet, maar er zal geen mens zijn die zich hier om bekommerd en bovendien heeft BB King gezegd dat het oke was. Dit zijn kids die nog een lange weg te gaan hebben en waarbij tussendoor ook nog even gestudeerd moet worden. Hoe ze dat doen? Via dvd’tjes en internet, want de familie is eigenlijk altijd on the road. Ik ben benieuwd hoe deze band over zes/zeven jaar klinkt. Zal vast goed zijn en bovendien is drumster Taya dan al 16!
Als vierde mag Ian Parker opdraven. Nu heb ik bij de Ribs en Blues line-up van dit jaar het nadeel dat ik, op de Homemade Jamz en Björn Berge na, alle bands in het laatste seizoen twee of meerdere keren voorbij heb zien komen. En ondanks dat ik het eigenlijk niet zou moeten doen, is het vergelijken van de diverse gigs onontkoombaar.
Parker had zo’n drie weken geleden een weergaloos gave show neergezet in Estrado in Harderwijk, maar op Ribs en Blues werd het niveau van enkele weken terug bij lange na niet gehaald. De altijd zo kenmerkende en intense passie ontbraken voor minstens de helft. Het kan natuurlijk met de hoge temperaturen te maken hebben of wellicht met het potje Engelse voetbal wat ze even daarvoor achter de tent met Ian Siegal hadden uitgevochten.
Natuurlijk zijn en blijven de songs van Ian stuk voor stuk beresterk en is het gitaargeluid en de zang opnieuw keurig verzorgd. Toch was het net dat hele kleine beetje extra, de emotie, de diepgang en het gevoel dat alles uit te tenen komt, vandaag maar mondjesmaat te bespeuren. Maar goed, niet elk optreden kan hetzelfde zijn. Het was gelukkig prima, maar het was het eigenlijk nét niet.
Als vijfde staat de Noor Björn Berge klaar en deze rijkelijk getatoeëerde ‘Erik de Viking’ heb ik live nog nooit aan het werk gezien. Het is werkelijk verbazend om te zien wat deze grote kerel met zijn enorme armen uit zijn 12 strings tovert. Slide, fingerpicking, noem maar op. Fenomenaal en menig gitarist zal met natte lippen naar de Noor hebben staan staren. Het fantastische gitaarwerk wordt vervolgens afgeroomt met een hele zware en donkere stem en vervolgens krijg je een bluessound die op zich behoorlijk uniek is. Ondanks dat Bjorn het vuur uit zijn sloffen speelde en aan menig klassieker een volstrekt eigen interpretatie gaf, ben ik het toch na een dik half uur zat omdat het te monotoon wordt. En met mij velen, want menig bezoeker zoekt zijn weg naar één van de vele eet- en snackgelegenheden. Wellicht had de Scandinaviër als intermezzo beter tot zijn recht gekomen. Op het podium gebeurde behalve de wisseling van lichteffecten nagenoeg visueel niets spannends en was dit optreden uiteindelijk veel te langdurig voor een groots opgezet festival.
De laatste twee acts van deze zondagavond waren weggelegd voor de twee artiesten die een week eerder op beide avonden het Moulin Blues festival hadden afgesloten, namelijk Ian Siegal en The Hoax.
Siegal had vorige week een degelijk, doch prima optreden verzorgd in Ospel, maar toch was het ingetogene van vorige week net niet voldoende om de bezoekers met een euforisch gevoel naar huis te sturen.
Ik had tijdens de uitmuntende backstage mogelijkheden al gespot dat Siegal weinig last meer ondervond van zijn ribblessure en de Brit had er duidelijk zin in om eens lekker het onderste uit de kan te halen.
En dat deed ie dan ook. Als nooit tevoren gaf Siegal een fantastische show weg, waarbij de Ospelse playlist ook al lang weer in de kliko was beland.
’s Middags hadden Siegal en Johnny Mastro tijdens een goed gesprek over ehh… politiek en zo, samen bekokstooft dat Johnny halverwege de set nog maar even mee moest jammen met Siegal's gig. Mastro was met zijn Mama's Boys met geen stok van het Ribs en Bluesterrein af te slaan en zat ondertussen geestelijk al niet zo heel erg meer vol vuur, maar gezien de uiterst relaxte sfeer op het terras achter de tent verbaast me dat ook eigenlijk helemaal niets. Het optreden van Siegal, Graham, Bjerre en Mastro ontpopt zich in elk geval tot een grandioos feest met een Ian Siegal in bloedvorm.
Een optreden dat van A tot Z wist te boeien. Prachtig!
De slotact op de eerste Pinksterdag was weggelegd voor The Hoax. Ook deze band had in Ospel voor een ware bluesaardbeving gezorgd en ditmaal kregen ze opnieuw de eer om een festivaldag naar het absolute hoogtepunt te brengen. Vorige week schreven we nog dat zanger Hugh Coltman waarschijnlijk stiekem zijn ADHD tabletjes in de plee had gegooid, doch in het prille begin van dit optreden kreeg ik even het gevoel dat hij ze er vóór het doortrekken toch weer uit had gevist.
Misschien begint na vier optredens het podiumgevoel zo langzamerhand weer te wennen, want vorige week lag hij met de grootse regelmaat op zijn muil omdat er weer een gitaarstandaard of microfoonsnoer in de weg lag. Ditmaal ging het er iets beheerster aan toe, maar overigens nog steeds ruim voldoende om het laaiend enthousiaste publiek naar een lichte vorm van extase te sturen. De playlist was een kopie van Ospel en dat verbaasde me eigenlijk helemaal niks. Het bijna complete ‘Humdinger’-repertoire kwam opnieuw voorbij en dat is natuurlijk altijd grandioos.
Het middenstuk van het Hoax-optreden heb ik vanaf de zijkant gevolgd, maar ik kan jullie verzekeren dat het daar niet echt prettig vertoeven was. Johnny Mastro en Ian Parker liepen zelfs beiden gillend met de vingers in de oren naar buiten. De sound van Jesse Davey was zo onverantwoord hard dat ik bijna alleen aan de bewegingen van de andere bandleden kon opmaken, dat zij ook nog meededen.
In de zaal was het in ieder geval al een stuk beter toeven, maar ook hier was Davey's gitaargeweld luid en duidelijk aanwezig, waardoor het uitmuntende gitaarspel van Jon Amor en de prima zang van Hugh Coltman toch een beetje ondersneeuwden. Desondanks waren The Hoax, samen met Ian Siegal de twee hoogtepunten van de dag en kunnen we met een goed gevoel en een bomvolle tent terugkijken op een wel zeer geslaagde eerste dag!
Voor mij persoonlijk was dag 1 één van de meest memorabele dagen in de bluesscene. Nog op geen enkel festival heb ik achter de schermen een sfeer geproeft die zo relaxt en gezellig was als deze eerste Ribs en Bluesdag. Het was zelfs zo relaxt dat ik enkele muzikanten aan het begin van de nacht hoogstpersoonlijk hun bus in heb mogen schuiven. Daarnaast was het uiteraard kicken om enkele bluescollega’s van Bobtje en BluesMoose Radio te mogen assisteren bij hun interviews met onder andere The Hoax en Johnny Mastro. En ondanks dat veel muzikanten die kale uit Meppel wel al een beetje kennen, is dit echt geen dagelijkse kost.
Dag 2 volgt op een later tijdstip! De foto’s ook!





























Leuk stukje video over The Homemade Jamz Blues band.
http://www.cbsnews.com/sections/i_video/main500251.shtml?id=3564044n
( korte reclame aan begin & eind )
Geplaatst door: Peter | dinsdag 13 mei 2008 om 21:59
eigenlijk mogen we als Raaltenaren samen met alle bezoekers van heinde en verre best wel een beetje trots zijn op dit festival he :)
zoveel inzet van iedereen om er een fantastisch feest van te maken, de vrijwilligers en het publiek.... gewoon iets om met zn allen voor te blijven gaan om het zo te houden....
iedereen bedankt....en tot volgend jaar
Geplaatst door: Kees | dinsdag 13 mei 2008 om 20:55
Mooi stukje Bert
Geplaatst door: Harald 'mr. DeltaBlues' | dinsdag 13 mei 2008 om 19:15