Vandaag de laatste aflevering van The Phil Bee Trip To Austin. Bij deze wil ik Phil bedanken voor zijn mooie Texas-dagboek en uiteraard voor de aansprekende foto's. Alle door Phil's geschreven hoofdstukken zijn blijvend te lezen onder de categorie: 'Austin Trip By Phil Bee'
Degene die graag meer informatie willen hebben over deze trip naar Texas kunnen uiteraard altijd bij Phil terecht. Hij zal je met liefde de do's en de don'ts van het Texas leven uit de doeken willen doen.
Maandag 20 april.
De laatste dag in Austin. Wat geslenterd en foto’s gemaakt van enkele mooie neons overdag, de foto’s spreken voor zich Je merkt allengs dat hebt je toch niet in je koude kleren gaat zitten zo’n trip. Laat op, bier, vroeg op want je wilt ook her en der naartoe rijden. Dat hele dag lullen, man lief, hou toch je bek ! Ja die kreet kwam regelmatig terug.
Er was iets bijzonders en dat ook nog vlak bij ons hotel wat we de hele week niet gezien hadden. De brug over de Colorado River, ca. 250 meter van ons hotel was ook een hotel. Een dag hotel. Say what? Ja een dag hotel voor : vleermuizen (bats). Niet enkele honderden, nee 1,5 miljoen van die beesten. Iedere dag als de zon ook maar net onder is vliegen ze erop uit. We zijn vlakbij de brug gaan staan om een goed uitzicht te hebben en samen met ons nog een paar honderd mensen. Een bizar gezicht is dat. Honderd duizenden van die beesten die boven je hoofd wegvliegen. Zonder dat je ook maar iets hoort.
Ons laatste avond maal werd uiteraard weer zwaar besprenkeld met Shiner en we waren eigenlijk van plan hebt niet te laat te maken, want ’s ochtends moesten we bijtijds op om naar Houston terug te rijden. Jaja, net als je dat zegt natuurlijk. We begonnen in Nunos een bar op 6th St, waar we door de kroegbaas inmiddels verwelkomd werden als the Shiner boys (mijn gok is vanwege de niet onaanzienlijke hoeveelheden Shiner bier die we dronken), zat een donkere man tegenover de bar aan een tafeltje. Krom voorovergebogen, zeker niet meer de jongste. Na een 2e blik bemerkte ik wat CD's en DVD's op dat tafeltje en jawel hoor : Pinetop Perkins, zomaar in een kroeg in Austin. Zijn vaste 'hang out' kennelijk. We besloten een CD van de blueslegende te kopen en tegelijk te vragen of we met hem op de foto mochten. Het reslutaat zien jullie in de fotoserie. De CD is overigens erg goed, allerhande grootheden als BB KIng en Jimmie Vaughan doen erop mee. Tja je hebt mazzel of niet, zeker omdat we enkele dagen tevoor van plan waren naar Pinetop in Antone’s te gaan kijken en dat in 2e instantie niet gedaan hebben.
Jos was over gelukkig en niet in het minst omdat een niet onaardige Amerikaanse juffrouw aan mij vroeg of mijn vriend (ja die met de bril) misschien die bekende akteur was. Ja natuurlijk was hij dat, dus hup op de foto, voordat we haar vertelde dat hij het misschien toch niet was. Geeft niet de avond was goed op gang. Komt er tegen 10 uur een nieuwe band, Bij hebt eerste nummer stelt de zanger de bandleden voor. Op toetsen George Benson. Pardon ? Ja je leest het goed George Benson, dan wel Junior. De zoon van. Niet normaal toch ? Het was verder nog een lang avondje en ‚yours truly’ was blij toen hij in zijn mandje lag, want als chauffeur moest ik een paar uren later alweer naar Houston gaan rijden. Best leuk hoor, maar Mamamia. Houdt het dan NOOIT op ?
‘s Morgens onze laatste croissantjes met café latte bij Joe’s, onze buur. Met een zekere weemoed rij je Congress Avenue uit. Ik keek nog enkele keren in de spiegel. Om de straat te zien. Je bent er zo gewend en je wilt meer. Hell, je zou er wel kunnen wonen, waarom niet ? Maar goed lekker is ook maar één vinger lang, dus. De boys waren verdacht rustig op de terugweg en het Derek Trucks nummer ‚Down don’t bother me no more’ wat zo’n beetje het Austin trip nummer is geworden, knalde meermaals door de Mercury speakers.
Je bent ook weer blij als je weer in het vliegtuig zit met zowaar een nóg cabareteskere crew als op de heenvlucht. Ditmaal geen 3 stoelen voor 2 man. Nee propje vol die vlucht. Dat is minder, je slaapt niet en zit maar constant de uren af te tellen. Je wordt langzaam moe van de reis, want aangekomen op Schiphol heb je dus een nacht gemist door hebt tijdsverschil. Je moet je klok 7 uur vooruit zetten. Drie kwartier moeten wachten op je koffers is dan heel prettig. Maar goed de aanblik en het aanvoelen van mijn vertrouwde German-made-car maakte voor mij wel alles goed, ahaa, zo voelt een auto mét wegligging.
De filemeldingen was echter weer een soort mokerslag. Welcome to Holland: 12 km tussen Utrecht en Den Bosch. Precies waar we heen moesten. Nou dan via Hilversum, Arnhem, zo naar het zuiden een tyfus omweg, maar je hebt hebt idee dat je rijdt. Soms. Home sweet home na 3,5 uur. Het gekke is dat je je toch kiplekker voelt, ja dat is niet gek, je lichaam heeft een boost gekregen waar je weer een tijdje mee vooruit kunt. De terugslag kwam een aantal dagen later toen ik 2 dagen 12 uur aan een stuk heb geslapen.
Al met al zou ik iedereen aanraden om deze trip te doen, misschien heb je wat aan dit verslag als je uiteindelijk besluit om het te doen en je weet me te vinden, mocht het zijn. Ik wil mijn maten Jos Potting, Bé Smit en Jules Peters bedanken voor de gezelligheid en de buikpijn van het lachen. En Continental Airways bedanken voor de lelijkste en oudste crew die ik in mijn vliegtuig carriere ooit gezien heb. Je kunt van Amerika zeggen wat je wilt, maar het is zeer bijzonder en is op een aantal gebieden zeker vooroplopend in de wereld. De mensen zijn er vriendelijk en relaxed (het overdreven 'have a nice day' viel hartstikke mee, daar krijg je dan wel ‘oh my Gôôôd’ voor terug), kortom boek bij Phil Bee's Bluestrips de trip van het jaar.


























