Tekst en foto's: Bert Reinders
Fotoalbum: Rockin' The Blues
Er zijn soms van die festivals daar heb je écht wat mee. Nou zijn er in de loop der jaren nogal wat festivals bijgekomen waar ik wat mee heb, maar het Duivense Rockin’ The Blues heeft toch al een aantal jaartjes een speciaal plekje bij me.
Oke, de eerste jaren met Bonamassa, Tognoni, Sas etc. heb ik dan wel gemist, maar de keer dat ik als schuchter verslaggevertje van voormalig werkgever Festivalinfo.nl in Duiven aan de bak mocht was toch wel al bijzonder.
Het was destijds zelfs m’n allereerste festival waar ik als verslaggever op af gestuurd werd. Vorig jaar schopte ik het zelfs nog als vliegende kiep om op het allerlaatste moment presentator Gerry Jungen te vervangen. En last but not least mocht ik deze keer met een all-area pas om de nek gewoon iedereen lekker in de weg lopen. Heerlijk!
Toch komt er aan dat speciale Duivense gevoel nu definitief een einde. Want na deze tiende editie zullen de mannen van het eerste uur (Richard en Bart) definitief de stekker uit Rockin’ The Blues trekken. Zaterdag de 26e september zal dan toch een muziekavondje worden met een beetje een zwart randje.
Want zeg nou zelf, het is toch zwaar kloten als je tien jaar lang je stinkende best heb gedaan om iets op te bouwen om dan uiteindelijk te moeten concluderen dat het in Duiven nét niet wil. De jaren van dik 700 bezoekers behoorden al lang tot het verleden en de laatste paar jaren is het bezoekersaantal alleen nog maar verder afgebrokkeld.
Gevolg: de sponsors laten het afweten, het wordt knokken om de geldpot redelijk gevuld te houden en dan wordt het vanzelf moeilijk om de motovatie op 100% te houden.
De aanloop naar deze tiende editie begon overigens bijzonder hoopvol. In de voorverkoop waren inmiddels ruim 200 kaarten verkocht en dat was de laatste jaren al niet meer voorgekomen. Het programma zag er dan ook aantrekkelijk genoeg uit met de Canadeze grootheid Philip Sayce, aangevuld met een aantal oerhollandse jongens en meisje van Black Top, Oberg en uiteraard Jeroen Sweers.
Helaas meldde hoofdact Sayce zich drie dagen voor het festival met handklachten af voor zijn Europese tour en dat was natuurlijk even een flinke streep door de rekening. Superfloor uit Arnhem en omstreken werd daarom een dag later als logische vervanger voor Sayce gestrikt. Superfloor zou namelijk als supportact fungeren voor Sayce tijdens de Nederlandse concerten.
Tegen 20:00 uur is het dan echt zover en mag Jeroen Sweers op zijn vleugel het publiek warm draaien met een flinke portie Boogie Woogie en Blues.
Jeroen is een absolute vakman in zijn genre en mag het deze avond in Duiven helemaal alleen opknappen. Dus zonder zijn saxofonist, zijn ritmesectie en zijn drie zangeressen.
Ook solo swingt Jeroen helemaal de pan uit, maar het lijkt er op dat het vakmanschap van Sweers nog net iets te vroeg op de avond is voor het Duivense publiek. De reacties zijn tijdens de eerste set zijn dan ook erg tam en het kunstenaarswerk van de Kampenaar krijgt nauwelijks respons. Desondanks is Jeroen een opener van jewelste en gelukkig krijgt Sweers nog twee kansen vanavond.
In de grote zaal mag Gerry Jungen de bluesrockers van Black Top introduceren en dit trio krijgt vanaf de eerste noten het CCOG gelukkig wel mondjesmaat in beweging. Helaas is het aan het begin van Black Top nog niet erg druk in de zaal en aangezien de speeltijd voor Hup, Hills en Thumper slechts drie kwartier is, zullen er toch veel mensen zijn die een ongelooflijk spetterend begin van Rocking The Blues hebben gemist.
Want ik ken zo langzamerhand een flinke voorraad drummers, maar d’r is nog altijd maar één Theo ‘Thumper’ Outhuijse en ‘Thumper’ schrijf ik vanaf nu voor de rest van m’n leven alleen nog maar met een dikke hoofdletter. Potverdorie, wat kan die man toch vreselijk vet slaan! Iedere dikke dreun is zo verschrikkelijk raak dat ik alleen van Black Top’s drum al een hele dikke …. krijg.
Overigens zijn deze avond wel de grote complimenten aan de jongens van Spyker sound op zijn plaats, die dit trio op een supervette manier hebben uitgezet. Grote klasse, want dit is Black Top op zijn mooist. Een prachtig ‘open’ stemgeluid van Hills en heerlijke vette riffs van Mick Hup en natuurlijk het superstrakke drumwerk van Thumper. Genieten!!!!!
Na Black Top lusten we wel even een pilsje en vanwege een nababbel met Black Top laten we de tweede set van Jeroen Sweers maar even schieten.
Ondertussen staat Oberg in de startblokken en wordt het al snel duidelijk dat Duiven en omstreken is uitgelopen voor de oude rot in het vak. De zaal is inmiddels gevuld met zo’n 400 bezoekers en da’s mooi!
Misschien ligt het aan mezelf, maar het is bij aanvang toch even wennen en omschakelen bij Oberg. Het eerste instrumentale nummer komt niet echt heel lekker binnen en het lijkt er op dat de band nog even moet warmdraaien.
Zodra zangeres Liane Hoogeveen het podium opkomt verandert er toch al iets. In de eerste plaats ziet ze er onweerstaanbaar uit in haar zwarte shirt, maar ook haar donkere en uiterst warme stem zal menig mannenhart naar hartslagje 95 brengen. Die van mij in elk geval wel! Bij vlagen heeft ze qua stemgeluid wel iets van Rockbitch Anouk en blijft ze zowel in de uptempo’s als in de ballads kaarsrecht overeind. Mooi hoor!
Naar mate het optreden vordert begint het vijftal steeds lekkerder te spelen, waarbij de afwisselende gitaarsolo’s van Mick Hup en van Ted Oberg himself lekker binnenkomen. Vooral de gitaartone van Oberg is om van te smullen. Wat een heerlijke sound haalt die man uit z’n plank. Mooi is dat het duo Oberg/Hup elkaar geen moment voor de voeten loopt en uiteindelijk doen ze dan ook helemaal niets voor elkaar onder. Uiteraard ontkomt Oberg aan het eind van de set niet aan enkele krakers uit de oude doos, maar deze band heeft het oude werk helemaal niet nodig om het publiek te vermaken.
De herkende gitaarsound uit Wang Dang Doodle (gaaf gezongen door Mick Hup) glijdt er overigens nog altijd lekker in.
Na Oberg grijpen we de laatste kans aan om nog even naar Jeroen Sweers te kijken. Jeroen heeft het behoorlijk moeilijk in de foyer want hij krijgt het publiek nauwelijks in beweging. Wat jammer is dat toch, want dit is toch echt muziek van een ongelooflijk hoog niveau. Te ingewikkeld? Verkeerde genre? Ik heb geen idee. Jammer, jammer, jammer, maar ja …… als het publiek niet wil, dan ben je als muzikant toch echt kansloos.
Tot slot mag Superfloor het festival in de grote zaal afsluiten. Na Black Top en Oberg toch wel een wat ondankbare taak.
En opnieuw krijgen we in Duiven te maken met een bijzonder verschijnsel dat ik al een aantal jaren in Duiven heb aanschouwt. We hebben het met Danny Bryant gezien, met Ian Siegal, maar ook met Amor/Davey. Na een nummertje of drie/vier begint het publiek zich richting uitgang te begeven. Laatste trein misschien? Heel apart!!
Ook de Arnhemse band Superfloor ontkomt niet aan dit bijzondere verschijnsel en daarom mogen Floor Kraaijvanger en haar mannen hun kunsten nog maar voor een half gevulde zaal vertonen.
Gelukkig laten de Arnhemmers zich geen moment van de wijs brengen en halen ze alles uit de kast om Rocking The Blues naar een mooi eind te loodsen. Persoonlijk heb ik geen klik met de muziek van Superfloor. De vingervlugheid van gitarist Frank van der Wiel is uitstekend. Ook de hese stem van Floor is prima, maar diverse composities zijn me net te onsamenhangend en niet spannend genoeg. Het zal ongetwijfeld met m’n persoonlijke smaak te maken hebben, want er zijn nog genieters genoeg.
Tegen 00:30 uur krijgt Superfloor nog versterking van drie Black Toppers om Rocking The Blues definitief uit te jammen. Bassist Hills oogt uiterst ‘vermoeid’ en eigenlijk heeft het muzikaal niet zo heel veel toegevoegde waarde meer. Het maakt allemaal niet uit! Rocking The Blues wordt in elk geval op een waardige manier uitgeluid!
Rond 01:00 uur is het einde dan toch echt daar en valt het doek definitief voor Rocking The Blues in Duiven. Richard en Bart staan er eigenlijk een beetje sprakeloos bij.
Het is jammer, maar gelukkig wel begrijpelijk! De koek is gewoon even op.
Bart & Richard en uiteraard alle vrijwilligers. Persoonlijk wil ik jullie enorm bedanken voor jullie gastvrijheid in de afgelopen seizoenen en jullie vriendschap. Jullie hebben je echt met glans onderscheiden met Rocking The Blues. Zonder jullie had Bonamassa vast niet in de Royal Albert hall gestaan, was David Gogo nooit meer uit de Canadese highlands gekomen en was er met Philip Sayce waarschijnlijk niets aan ‘de hand’ geweest.
Ik hoop van harte dat het jullie samen ongelooflijk goed zal gaan! Keep in touch!






















