cd recensie: Gwyn Ashton - 'Two Men Blues Army'
Door: Bert 'T-Bourbon' Visscher
Blues gitarist, zanger, en songwriter Gwyn Ashton is geboren in Wales en opgegroeid in Adelaide, Australia. Op jonge leeftijd ontwikkelde Gwyn een liefde voor de blues en rock. Dit kwam mede door opnamen van Chuck Berry, Jimi Hendrix, Buddy Holly, Rory Gallagher, Muddy Waters, en vele anderen.
Twaalf jaar was Gwyn toen die zijn eerste gitaar akkoorden leerde, maar aangezien hij een talent was, had hij de basis al snel in de vingers. Mede door dat talent werd hij al snel gevraagd door vrienden om in een band te spelen. Gwyn was de frontman en ze speelden vooral in de lokale clubs en bars. Veel Aussies houden wel van rock en die moet dan ook oorverdovend hard worden geserveerd, zo leerde Gwyn: ”to play his ass off”. Gwyn zat in jaren ’80 vooral in en rondom Sydney met zijn band, waarbij de lange afstanden om een gig te doen niet werden geschuwd.
In de jaren ’90 kwam zijn eerste eigen cd ‘Feel The Heat’ (1993) en was hij support-act voor o.a. Junior Wells, Rory Gallagher, Steve Morse and Albert Lee. Het duurde drie jaar voordat zijn tweede album ‘Beg, Borrow & Steel’ (1996) uitkwam.
‘Two-Man Blues Army’ is zijn nieuwste schijf die twaalf nummers telt en veelal van een stevig rock gehalte zijn. Opmerkelijk is wel dat het hier een duo betreft en samen met de drummer Kev Hickman, wordt het gemis van de bassist ruimschoots ingevuld.
‘Meltdown at the hoo’ is een instrumentaal nummer, waarbij mij de vingervlugheid opvalt van Gwyn. Een stevig nummer dat duidelijk laat horen dat er schijnbaar een blender aan te pas is gekomen om de meeste gitaristen die invloed hebben gehad op de ontwikkeling van Gwyn’s spel voorbij te horen komen.
Het nummer die daarop volgt is: ‘Break’. Dacht ik de titel letterlijk te kunnen nemen, niets is minder waar. Ook hier worden we getrakteerd op een distortion gitaar. Volop slide gitaar kun je horen in het nummer ‘Million dollar Blues’ en schreven we net al over een getalenteerde gitarist dan moet je zeker eens naar de solo luisteren in dit nummer.
Een bijzondere uitvoering van het Robert Johnson nummer ‘Cross Road Blues’ zit ik met verbazing te luisteren. Klakkeloos kopiëren kunnen de meesten wel, maar dat je het niet altijd volgens het boekje hoeft te doen, blijkt met dit nummer wel. Lekker rauwe slide gitaar met daarbij de zang vervormend uit de speaker. Halverwege krijgen we ook nog een gruizige mondharmonica erbij die wordt aangevuld met een vlijmscherpe gitaar solo. Prachtig word het met ‘Junior got a blade’. Iets heel anders, dat wel, maar zo mooi gespeeld in een authentieke Delta Blues stijl dat ik dit als hét rust moment, tot mij neem. We horen hier een stompbox en uiteraard een National Steel gitaar.
‘Ain't nobody’s fool’: Een gitaar zoals die bij Rory Gallagher klonk en een zangstem die mij eveneens sterk aan voorgenoemde doet denken. Maar ook de manier waarop het nummer wordt gespeeld is vrijwel authentiek aan Rory Gallagher. ‘One way ticket to the Blues’ is zo’n nummer wat je na al dat “gitaar geweld” even nodig hebt. Het nummer begint met een prachtig intro van de gitaar die overvloeit in een thema die we de rest van het nummer voorbij horen komen. Hier kunnen we dan ook die zangstem van Gwyn eens rustig zonder allerlei uithalen eens goed beluisteren. Bij de uithalen horen we een schuurpapieren stem, maar daar waar het ingetogen moet zijn klinkt zijn stem zuiver.
‘Two-Man Blues Army’ is een waardige opvolger van ‘Prohibition’ (2007). Let wel, je moet van dit genre houden. En gezien de afgelopen festivals waar muzikaal soort gelijke bands stonden geprogrammeerd zijn die liefhebbers er ongetwijfeld in overvloed!
Website: Gwyn Ashton
Meer info: Broere Promotion






























Reacties