Tinariwen maakt muziek die ook wel wordt omschreven als  ‘desert blues’ en die kenmerkend is voor Nomadische volken uit  de Sahara. Het uit Maili afkomstige Tinariwen betekent in de taal van de Toeareg, de oorspronkelijke bewoners van de Sahara,  ‘woestijnen’. De ‘les hommes bleus’  maken traditionele melodieuze en pakkende muziek vermengt met westerse pop en rockinvloeden die overwegend in het het Frans en Tamasheq worden gezongen.  Tinariwen is bezig aan een wereldtour en doet daarbij ook twee Nederlandse steden aan waaronder Nijmegen.

TINARIWEN  +IO:I

De knusse grote zaal stroomde vol met een zeer gemêleerd publiek, jong en ook iets ouder. Er hing een relaxte vriendelijke sfeer, zonder opsmuk of ‘kijk mij nou’ gedrag. Een deel van de luisteraars heeft Tinariwen via via ontdekt op YouTube, een deel kende Tinariwen ongetwijfeld al langer en hoogstwaarschijnlijk ook wel vanuit een West-Afrika ervaring.

Meteen vanaf de eerste maten heupwiegde het publiek tot achter in de zaal zachtjes mee met de bezwerende tonen. De muziek brengt een zeker ontspannen gevoel met zich mee door de herhaling van melodieën. Zoals de welvingen van de duinen van de Sahara visuele ontspanning brengen zonder te vervelen. Want ja, soms kabbelen de klanken van het gitaarspel door en lijkt er weinig te gebeuren maar dan bevind je je toch ineens bij een waterbron. Daar wordt nieuwe energie opgedaan en gaat de muziek van bezwerend naar opzwepend. Percussie waarbij je niet stil kunt blijven staan, alles op een enkele tindé drum of een halve holle kalabas. Zo regen de nummers zich tijdens het concert aaneen. Het intro van het laatste lied, met alleen akoestische gitaar en zang, kreeg de hele zaal muisstil. Een unicum in de lage landen en hiermee kregen de muzikanten van Tinariwen het respect dat ze verdienen. Voor ‘les hommes bleus’ kun je niet anders dan ontzag hebben.

THE MYSTERONS

Gelukkig dat Björk in de jaren ’90 het pad der ijle vrouwenstemmen reeds gebaand heeft in mijn gehoor. Dat maakt dat ik me meteen kan richten op de catchy sound van deze jonge band. Jong, maar met volwassen en uitgebalanceerde liedjes. Het zijn originele nummers met een heel aparte dynamiek, teruggrijpend op grunge en psychedelische muziek uit de jaren 60 en 70, nergens wordt het echter cliché of voorspelbaar. Dromerige, wonderlijke zangmelodieën meanderen over strakke ritmes, gespeeld door een gedegen ritmesectie, die een stevig fundament neerzetten. De zangmelodieën schuren soms even lekker langs een ongemakkelijk randje. Maar oh, wat een heldere, loepzuivere, soepele stem heeft zangeres Josephine van Schaik. Ritmisch doet ze heel vernuftige dingen en het is een verademing dat ze ver weg blijft van onnodige uithalen en add-lips.

Bassist Peter Peskens en drummer  Sonny Groeneveld vormen een gedegen ritmesectie. Solide maar verre van saai. Door de opstelling van de instrumenten in een U-vorm om de zangeres heen heeft de drummer oogcontact met toetsenist Pyke Pasman die zichtbaar zit te genieten. Hij speelt ontspannen en met het grootste gemak. Van mij zou hij nog wel wat meer erop los mogen improviseren, ik vermoed dat hij meer dan genoeg muzikale basis heeft om dat te kunnen. Dit geldt ook voor gitarist Jordy Sanger, zeer begaafd maar op de achtergrond. Daarmee verliest hij -in mijn oren- aan overtuigingskracht.

Al met al een heel fijn optreden van deze sympathieke band. Wanneer ze iets meer uit hun schulp kruipen zal hun muziek nog meer tot leven komen.